Beschrijving project Kwaliteitsborging Rouwzorg door Vrijwilligers

Vrijwillig, maar wel geschoold

De vrijwilliger moet zichzelf goed kennen om er voor de ander te kunnen zijn. Eigen motivatie, verlieservaringen, oordelen en vooroordelen kunnen anders een open luisterend contact verstoren. Dat maakt scholing, super- en/of intervisie essentieel voor de kwaliteit van vrijwillige Rouwzorg.

Sommige vormen van Rouwzorg vergen een zekere vaardigheid in het hanteren van werkvormen, groepsdynamica en dergelijke. Scholing heeft ook tot doel het vrijwilligerswerk te begrenzen. Wanneer is het voldoende ondersteuning van een medemens te krijgen en wanneer is hulp door een beroepskracht nodig? Krijgt een vrijwilliger de juiste training om zijn werk goed te kunnen doen? Hoeveel investeert een organisatie in zijn werkers en hoe blijf je als vrijwilliger fris en op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen?

Door als vrijwilligersorganisaties met elkaar te bepalen wat een vrijwilliger moet kunnen, weten en doen om goed werk te leveren kan op termijn een keurmerk of certificeringsysteem ontstaan. Dit kan één van de uitkomsten zijn van het project.

Volgende pagina:
Inventariseren

Vorige pagina:
Kern